Bij een blaasbiopsie worden stukjes weefsel (biopten) uit uw blaas weggenomen om deze te kunnen onderzoeken op afwijkingen. Dit wordt uitgevoerd als er bij het onderzoek van de blaas tijdens het poliklinisch bezoek weefsel gezien wordt dat nader onderzocht moet worden. Een blaasbiopsie duurt kort, maar moet wel onder algemene of regionale verdoving (ruggenprik) worden uitgevoerd.
Op de afdeling krijgt u informatie over de gang van zaken rondom de operatie, vervolgens wordt u naar de operatiekamer gebracht. Er wordt een infuusnaald in een bloedvat in uw arm of hand geprikt en aansluitend krijgt u de narcose of ruggenprik.
De uroloog brengt een instrument door de plasbuis in de blaas, waarmee hij kan opereren. Aan het instrument zit een ‘happertje’, waarmee stukjes blaasslijmvlies worden weggenomen. Tijdens de operatie krijgt u een blaaskatheter. Deze is nodig om eventuele bloedstolsels uit de blaas te kunnen wegspoelen.
Gemiddeld duurt de operatie een kwartier.
Na dit onderzoek wordt u naar de uitslaapkamer gebracht, waar uw hartslag, bloeddruk en ademhaling worden gecontroleerd. Als alle controles goed zijn, kunt u terug naar de verpleegafdeling. Als u geen pijn heeft en niet misselijk bent, mag u enkele uren later weer eten en drinken. De katheter wordt dezelfde dag of de dag na de operatie verwijderd, als geen bloedstolsels meer aanwezig zijn. Na de operatie krijgt u eventueel pijnstillers. Heeft u ondanks deze medicijnen nog pijn, meld dat dan aan een verpleegkundige. U mag dezelfde dag of de dag na de operatie weer naar huis.
De uitslag van het laboratoriumonderzoek is meestal na één week bekend. De uroloog bespreekt deze met u tijdens uw afspraak in de polikliniek. Wanneer u het ziekenhuis verlaat wordt deze afspraak ingepland. Het is bij ons standaardprocedure aansluitend een afspraak bij de oncologieverpleegkundige te plannen. Dit zegt niets over de te verwachte uitslag. Wanneer de uitslag van het weefsel goed is, zal dit gesprek komen te vervallen, u hoort dat in het gesprek met de uroloog.
Nadat de katheter verwijderd is, kunt u last hebben van de volgende bijwerkingen:
Dit zijn normale verschijnselen. Bij twijfel kunt u de verpleegkundige waarschuwen.
Heeft u nog vragen, stel ze gerust aan uw behandelend arts. Bij dringende vragen of problemen vóór uw behandeling kunt u zich het beste wenden tot de afdeling waar de behandeling plaats moet vinden. Wanneer zich thuis na de operatie problemen voordoen, neem dan contact op met uw huisarts of het ziekenhuis. De polikliniek urologie is bereikbaar via (0183) 64 42 65.
Deze website toont video’s van YouTube en Vimeo. Dergelijke partijen plaatsen cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt, kunt u dat hier aangeven. U kunt dan geen video’s op deze website zien. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren. Deze gegevens worden niet aan derden verstrekt.
Lees meer over het cookiebeleidWij sturen u een e-mail als we een afspraak voor u hebben gemaakt. Of als er nieuws is. Houd uw e-mail en ook uw spambox in de gaten.
Lees hier meer: www.rivas.nl